Kleinkunst, dat is toch op een kruk zitten met een gitaar, dat ga ik dus níét doen - interview

Kleinkunst, dat is toch op een kruk zitten met een gitaar, dat ga ik dus níét doen - interview

Vera Mann, cabaretière, actrice, zangeres ...

17-03-2020
Vera Mann speelde haar debuut in de musical Evita. Maar ze staat ook in toneelstukken, speelt gastrollen op tv en heeft gezongen bij allerlei orkesten. En ze toert nu door het land met haar eigen solovoorstelling 'Goesting'. Ze is iemand die zich lastig in een hokje laat stoppen dus.

Maandag 2 maart gaf ze een masterclass voor de halve finalisten van de AKF Sonneveldprijs


Volg het Kleinkunst Festival: < TERUG   VERDER>
NAAR ALLE BERICHTEN 

Volg de avond hier op YouTube
Bekijk hier de foto's van de avond


Je moet in dit vak stevig in je schoenen staan

Sommige mensen hoeven dat podium maar op te stappen en ze hebben het publiek al voor zich gewonnen...
“Ja wat is dat... lef, charisma. iets wat je niet kunt kopen. Dat is ook het mooie van kleinkunst - je moet het van jezelf hebben. En dat podium moet op dat moment je huis zijn. Je moet daar staan in volle overgave zonder angst om te falen, ook al zijn we daar allemaal bang voor.”

Maar als je té hard werkt gaat het publiek achteroverleunen.
“Ik heb dat zelf ook moeten leren. Ik zat al 28 jaar in business en was in ‘een soort van comfortzone’ gekomen. Ik kreeg mooie recensies, wist hoe ik mensen aan het lachen of aan het huilen kon krijgen. Het zal wel goed zijn wat ik doe, dacht ik. Tot een regisseur tegen me zei: ‘Zo gaan we het dus niet doen’. Ik deed volgens hem veel te hard m’n best. Ik werd op dat moment ontkleed van alles wat ik had aangeleerd, alles wat werkte. Dat is vreselijk maar van die voorstelling heb ik het meeste óóit geleerd.”

Wat moest je dan wel doen?
“Hij zei: ‘Vertrouw er op dat je als je dat podium opkomt en het licht valt op je, dat er dan vanzelf iets gebeurt’.”

Te veel met de buitenkant bezig en dan bedoel ik niet het uiterlijk

Daar zijn regisseurs voor. Je kunt jezelf niet beoordelen op dat podium. Tijdens de masterclass ben jij de regisseur...
“Het is geweldig om te zien dat iemand met een paar aanwijzingen grote stappen kan maken. Ze te helpen nóg beter te worden dan ze al zijn. Een paar jaar geleden zat ik in de jury van het AKF. In de finale ging het om de Franse Eijkel en Stefano Keizers. Stefano was zo absurd. Zoiets hadden we nog nooit gezien. Nam hij ons nou in de maling? Toen hebben we hem wat tips gegeven en uiteindelijk heeft hij de juryprijs gewonnen. Ook omdat we ervan overtuigd waren dat de Franse Eijkel de publieksprijs zou winnen. Die juryprijs was voor Stefano een belangrijk zetje, anders zou het voor hem lastig zijn geweest om te starten.”

Hoe verover je de zaal?
“Geloofwaardigheid is het allerbelangrijkste. Als je op het podium staat moet een stukje van je ziel opengaan. Je beschermingslaag moet afvallen. Sommige kleinkunstenaars zijn te veel met de buitenkant bezig en dan bedoel ik niet het uiterlijk. Ze passen zich aan naar wat het publiek van ze verwacht, dan loop je op een slap koord.”

Maar je maakt een show toch voor je publiek?
“Zeker, anders heb je geen voorstelling. En de reacties van het publiek neem ik als een spons in me op. Maar veel kritiek heeft met smaak te maken. Er zullen altijd mensen zijn die niet van je stijl of stem houden. Ik vraag daarom altijd de mening van mijn vrienden. zij weten wat ik kán. Ze kunnen snoeihard zijn maar tegelijk altijd liefdevol.”

Alleen als ik de hond uitlaat spreek ik nog iemand, haha!

Tijdens de masterclass gaat het over bruggetjes, tussen bijvoorbeeld een grappig verhaal en een gevoelig lied. Iets waar zelfs de meest geoefende kleinkunstenaars moeite mee hebben..
“Ook dat komt neer op geloofwaardigheid. Als de muziek begint, en je gaat je schrap zetten of een andere stem opzetten dan voelt dat onnatuurlijk. Als Brigitte Kaandorp achter de piano gaat zitten en een gevoelig lied begint te zingen zit ik met tranen in m’n ogen. Het volgende moment wordt alles weer kapot gemaakt. Dat gaat bij haar heel natuurlijk. Brigitte is, net als iedereen, ook onzeker. maar die onzekerheid gebruikt ze.”

Hoe breng je een lied overtuigend?
“Het gaat niet om perfect zingen, dat is oninteressant. Een lied is een verhaal dus ik vraag wel eens de liedtekst rustig te ‘vertellen’. Het nummer moet zo in je lijf gaan zitten dat je het kunt dromen.”

En dan sta je daar, met al die ogen op je gericht... 
“Iedereen zegt tegenwoordig: leef in het nú. Maar als je op de vloer staat kunnen je gedachten echt niet afdwalen. Dan ben je gelijk kwijt wat je aan het doen bent. Je moet zó in het moment zitten dat alles daaromheen verdwijnt. Maak jezelf wijs dat jij daar op het podium degene bent die op dat moment het allermooiste verhaal ter wereld vertelt.”

Wie zit hier eigenlijk op te wachten?

Wordt de spanning voor een voorstelling minder met de jaren? 
“Het wordt er niet beter op. Dat is het moeilijke van het vak: niks staat vast, er is geen enkele garantie dat wat nu lukt volgend jaar ook weer werkt. Iedere avond begin je opnieuw. En dat is ook het mooie: gaat het vanavond niet, dan morgen weer een kans.”

Je hebt nu je eigen show, daar gaat een heel creatief proces aan vooraf, hoe pak jij dat aan? 
“Voor het schrijven van mijn eigen show zit ik een jaar lang heel asociaal achter m’n laptop. Ik zonder me af, want als ik iets doe wat niet met schrijven te maken heeft voel ik me schuldig. Alleen als ik de hond uitlaat spreek ik nog iemand, haha!

Het is je eerste solovoorstelling. Die gaat meestal over je eigen leven... 
“Ha ja, dat is echt zo. Kennelijk voel ik een noodzaak om me voor te stellen. Wat heeft me gemaakt tot wie ik nu ben? Zo’n soloprogramma is heel kwetsbaar. Voor het eerst sta je daar als jezelf op het podium en niet in een rol. Mijn voorstelling is autobiografisch en vol bizarre verhalen die allemaal waargebeurd zijn. Tijdens het schrijven word ik vaak overspoeld door twijfel: zal ik dat verhaal vertellen waar ik al dertig jaar niet over gesproken heb? Of: wie zit hier eigenlijk op te wachten?”

Ik hoop dat ik de wind onder hun vleugels kan zijn

Als je dan kritiek krijgt komt dat waarschijnlijk extra hard aan..
“Je moet in dit vak stevig in je schoenen staan. Je leert incasseren. Het is psychisch en fysiek heel zwaar. Daarom is een opleiding ook zo belangrijk. Op de academie heb ik vier jaar lang alle hoeken van het toneel gezien.”

En dan moet je zelf ook nog een podium krijgen... 
“Zie jezelf als marktwaarde. Jij bent het logo voor je bedrijf. Dat klinkt heel vervelend, maar zo werkt het wel. Ik merkte dat als ik kleinere voorstellingen deed mensen dachten dat ik niks aan het doen was. Maar daar is gewoon minder budget voor publiciteit.”

Jij hebt op heel wat verschillende podia gestaan.. 
“Ik weet nog dat ik auditie deed voor de academie in 1982 en dacht: kleinkunst, dat is toch op een kruk zitten met een gitaar, dat ga ik dus níét doen. Inmiddels is kleinkunst zo omvattend. Ook moeilijk in een hokje te plaatsen. Ik heb in veel musicals gespeeld, toneel, tv en nu eindelijk mijn eigen show. Het hokjes denken is wel typisch Nederlands. In het buitenland zijn deze crossovers veel vanzelfsprekender.”

Wat gaan we tijdens de masterclass zien?
“Soms heb je geen idee welke nuances belangrijk zijn: waarom werkt iets wel of niet? En hoe los je dat op? Hoe schakel je tussen de verschillende verhalen? Ik geef ze gereedschap waar ze hopelijk iets mee kunnen. Gooien ze het weg, ook prima. Maar op dat moment is wat er op het podium gebeurt even het allerbelangrijkste. Ik hoop dat ik de wind onder hun vleugels kan zijn”